Een week lang heb ik me in een bioscoopfilm gewaand. Jarenlang heb ik de locaties op de televisie en het witte doek voorbij zien komen: “The Godfather”, “CSI New York”, “Daylight”, “The Day After Tomorrow”, “The Sopranos”, “New York, New York”, “I Am Legend” en nog veel meer kaskrakers zijn in deze metropool opgenomen en deze keer stond ik er zelf: New York, the city that never sleeps...een lang gekoesterde wens is in vervulling gegaan…

Zondag 18 Mei

 

Na een vlucht van 7 uur arriveren we op JFK, de grootste luchthaven van New York. Deze keer worden we vergezeld door mijn beide ouders en dat is een unicum: mijn vader gaat nooit op vakantie en het is dan ook precies 25 jaar geleden dat we samen hebben gereisd!

 

Eens te meer blijkt dat je het beste zelf zoveel mogelijk tijd kunt steken in de voorbereiding wanneer het om speciale voorzieningen gaat: wanneer we op zoek gaan naar het vooraf gereserveerde rolstoelvervoer vangen we bot. Leve het reisbureau…

Uiteraard zijn we niet voor één gat te vangen en al snel word ik in een minivan gehesen. Het verkeer is een chaos en zo ver we kunnen kijken is het een vierbaansfile op de Van Wijck Expressway (what’s in a name?). Onze chauffeur heeft duidelijk lak aan de verkeersregels en ragt zijn busje van vluchtstrook naar vluchtstrook. Tja, zo komen we er wel!

 

In de mistige verte doemt de skyline op en enkele minuten later rijden we via de tunnel Manhattan binnen. Ik kijk nu al mijn ogen uit mijn hoofd. Wat een gebouwen! Massa´s mensen. Overal gele taxi’s. Het is zo herkenbaar…

 

Ons hotel, het “Grand Hyatt” bevindt zich pal naast het Grand Central Station en het Chrysler building en qua hotel en locatie hadden we het niet beter kunnen treffen: alle bezienswaardigheden bevinden zich op loopafstand, de metro stopt onder het hotel en het hotel is pure luxe.

 

Daar we alle vier nog relatief fit zijn besluiten we een beetje te gaan wandelen en bij toeval (en zonder kaart) belanden we pardoes op Times Square! Aangezien deze plaats voor mij de absolute nummer 1 inneemt op mijn favorietenlijstje, val ik dus gelijk met mijn neus in de boter. De neonreclames spetteren ons tegemoet en ik heb moeite om mijn een wijd openstaande mond dicht te houden. We zijn duidelijk niet de enigen. Wat mij betreft is mijn hele week al goed.

 

Rond 8 uur ’s avonds besluiten we naar het hotel terug te keren, want de vermoeidheid slaat toe (voor ons gevoel is het natuurlijk 2 uur ’s nachts). Onderweg nuttigen we nog wat pizza, pasta en salade bij 1 van de filialen van Cafe Metro. In het hotel sluiten we een vermoeiende dag af in de bar met een mega-bier en whiskey voor mijn ouders en een chardonnay voor Fem. Vervolgens storten we in het spreekwoordelijke wak.

Maandag 19 mei

 

We hebben beiden een goede nachtrust gehad. Mijn ouders hebben de slaap echter niet kunnen vatten en zijn vanaf 7 uur ’s ochtends al in touw. Wanneer we bijna klaar zijn om op pad te gaan, hangt tot onze grote verbazing mijn tante Tony aan de telefoon (zij woont in de States). Dat is pas een verassing! Aangezien mijn ouders inmiddels de weg al weten (mijn vader dan, want aan het eind van de week weet mijn moeder de 24 keer gelopen weg naar buiten nog steeds niet), worden we door hen naar een koffietentje in het Grand Central Station gedirigeerd. Koffie to go dus. We besluiten gezamenlijk om vandaag een bezoek te brengen aan Central Park. Pas nu kunnen we goed zien wat een mierenhoop het hier is op straat: een voortdurende stroom aan mensen in maat- of mantelpak met in de ene hand een koffiebeker en in de andere hand een telefoon dendert aan ons voorbij. Grote witte sportschoenen onder nette kleding lijken meer regel dan uitzondering en eerlijk gezegd vinden we het geen gezicht. Overigens zijn de wegen en de trottoirs werkelijk niet om aan te zien. Waar je ook kijkt zie je gaten en kuilen. Even een straatje afzetten en opnieuw asfalteren is er hier niet bij. Mijn geluk is dat er zich op elke hoek wel een oprit bevindt.

 

Via 7th avenue betreden we Central Park. Dit park blijkt zo groot dat je zelfs met een plattegrond gemakkelijk de weg kwijt kan raken. Het is hier een drukte van belang mede vanwege het feit dat er filmopnames worden gemaakt (When in Rome). Na een aantal uren gewandeld te hebben vinden we het wel mooi geweest. Via 5th avenue aanvaarden we de terugreis en qua winkels hebben we hier het walhalla wel bereikt: Armani, Gucci, Louis Vuitton etc. voeren hier de boventoon. Het blijft voor ons in deze straat dus bij windowshopping.

 

Al wandelend passeren we bij toeval Rockefeller Plaza en aangezien ik mij van tevoren goed heb ingelezen, weet ik dat een bezoek aan het dak (70 verdiepingen) tot de mogelijkheden behoort. Mijn moeder geeft al direct aan dat zij voor geen prijs naar boven gaat en besluit beneden te wachten terwijl wij ons naar de lift begeven. In de lift vallen we van de ene verbazing in de andere. Het plafond blijkt doorzichtig en er worden historische beelden op geprojecteerd. Met een noodgang worden we de mooi verlichte liftschacht in gelanceerd waardoor het gevoel ons bekruipt te zijn beland in “back to the future”. Eenmaal boven, op “the top of the Rock”, genieten we van het adembenemende uitzicht. Om New York van deze hoogte te aanschouwen, is wat mij betreft een unieke ervaring. Een blik vanaf het dak biedt een fraai overzicht van alle karakteristieke objecten als het Empire State Building, the Chrysler Building, het lelijke Metlife gebouw en nog tal van andere gebouwen. Ook hoe groot  Central Park eigenlijk is, is vanaf hier goed te zien.

 

Eenmaal beneden is het (natuurlijk) weer tijd om te eten. We vinden een klein tentje waar je letterlijk alles kunt krijgen. Wraps, burgers, quesedilla’s, salades, het is teveel om op te noemen en de porties zijn vooral groot, groot en nog eens groot. “Veel” is blijkbaar het credo hier. “Lekker” gelukkig ook.

 

Aan het einde van de middag zijn we weer terug bij het Grand Central Station en in het foodcourt nuttigen we nog een  thee, koffie en een biertje. Het is heerlijk om hier te zitten want overal valt wel iets te zien. Forenzen zitten aan de sushi, de zwervers aan de prullenbak. Het is ons overigens inmiddels wel duidelijk geworden dat er binnen Manhattan ook veel armoede heerst.

 

Na een aantal uurtjes op de kamer te hebben uitgerust keren we naar het foodcourt terug. Het leuke is dat men hier een volstrekt eigen keuze kan maken uit de diverse keukens en toch bij elkaar kan zitten. Zo neemt Fem sushi, mijn ouders Mexicaans en ikzelf Chinees eten. Alles van uitstekende kwaliteit voor, naar Nederlandse begrippen, een prikkie. We sluiten deze goed gevulde dag met zijn vieren af op de kamer. De ijsmachine op de gang zorgt hierbij voor koude witte wijntjes en whisky.

 

Dinsdag 20 mei

We hebben uitstekend geslapen en krijgen net geen koffie op bed want we zijn al klaar voor de stad wanneer mijn ouders met de bekende koffiebeker “to go” binnen komen. Vandaag ondergaan we onze vuurdoop met de metro. Aangezien circa een kwart van de metrostations is voorzien van een lift is het wel even puzzelen alvorens we onze bestemming van vandaag kunnen bereiken: Chinatown en Little Italy, dit laatste ook wel Nolita genoemd. Beide wijken grenzen aan elkaar, hoewel de Chinezen in toenemende mate de Italiaanse wijk opslokken. Chinatown valt met het weer van vandaag (het miezert) een beetje tegen. Little Italy maakt echter een hoop goed. Het buurtje wordt gekenmerkt door leuke boetiekjes, delicatessenwinkeltjes en ontelbare Italiaanse restaurants. Wij treffen het en vinden echt het perfecte restaurantje. Eigenlijk ziet het er van binnen niet uit, maar het eten is er meer dan voortreffelijk. Het tentje is constant afgeladen en ook de afhaalservice doet goede zaken. We doen ons tegoed aan onder andere kreeftravioli met kreeftsaus en supergrote garnalen Parmigiano. Overheerlijk! Aangezien het ondertussen flink is gaan regenen, besluiten we het geplande bezoek aan Ground Zero maar te laten voor wat het is en nadat we de plaatselijke slijterij hebben leeg gekocht begeven we ons naar het hotel. Nadat we ons hebben verschoond, dwalen we door het uitgebreide gangenstelsel van het Grand Central Station. We vergapen ons aan de luxe winkels, de foodmarket en de vele gebakswinkeltjes. Om hier even de boodschapjes te doen moet je portemonnee wel erg dik zijn. Wat een hoeveelheid luxe bij elkaar! Wederom gebruiken we het diner in de foodcourt hetgeen gelukkig wel betaalbaar is.

 

Woensdag 21 mei

 

Onze plannen worden een beetje door de war geschopt: we hebben ons verslapen. We lopen een klein uurtje achter op schema maar besluiten toch met zijn tweeën uitgebreid Amerikaans te ontbijten. Natuurlijk is het weer allemaal even lekker en veel en we krijgen onze borden dan ook niet helemaal leeg. Zoals afgesproken ontmoeten we hier mijn ouders en na een kopje koffie gaan we op pad. We hebben het plan opgevat om vandaag een boottocht te gaan maken over de rivier de Hudson. Via 42nd Street, dwars door het Theatre District, bereiken we de kade. De 3 uur durende tocht om het eiland Manhattan heen, voert ons langs het vrijheidsbeeld en de vele brugverbindingen en geeft ons een indrukwekkend beeld van de skyline van Manhattan. Uit de woorden van de gids blijkt eens te meer hoe groot de Nederlandse inbreng in deze omstreken is geweest. Het is ook wel even lekker zo: veel zien en weinig hoeven lopen. De tijd lijkt om te vliegen en eer we er erg in hebben bereiken we weer vaste wal. Ook vandaag moeten we het bezoek aan Ground Zero aan ons voorbij laten gaan. De metro in de spits blijkt namelijk zo overvol dat het met een rolstoel gewoonweg niet te doen is. We gebruiken het avondeten in hetzelfde café-restaurant als waar we ontbeten hebben en dit is wederom overheerlijk maar veel te veel. Vooral het dessert, t.w. cheesecake, valt werkelijk als een anker in de maag. Traditiegetrouw gebruiken we op de kamer nog een drankje voordat we tevreden naar bed gaan.

 

Donderdag 22 mei

 

Na een goede nacht en een uitgebreide opknapbeurt stappen we in de metro richting Wall Street en Ground Zero. Het onvermijdelijke gebeurt: Fem ontdekt een schoenenwinkel. Ze weet na een kort bezoek voor de lunch, er ook na de lunch nog een uur door te brengen.

Via het Financial District en Battery Park bereiken we Ground Zero. Eigenlijk is het een beetje een teleurstelling want er is hier niets meer te zien. Het maakt de locatie echter ook heel macaber. De grote leegte tussen alle hoge gebouwen schetst een onwerkelijke indruk. Men is hier overigens al weer druk in de weer met bouwwerkzaamheden.

 

Nadat we het Flat Iron District hebben bezocht (het Flat Iron Building is de eerste wolkenkrabber ooit gebouwd in New York), keren we terug naar Bryant Park om hier van het namiddagzonnetje te genieten. Dat is een beetje vaste prik geworden. We besluiten het avondeten te gebruiken in de Oyster Bar onder Grand Central Station. Het wordt een beetje cliché maar ook hier is het eten meer dan verrukkelijk. Jammer genoeg eindigt het diner deze keer met een valse noot: De ober wijst mijn vader er fijntjes op dat er wat weinig fooi is gegeven. Hij zegt zonder blikken of blozen dat we er de huisregels nog maar eens op na moeten lezen. Ik heb het in eerste instantie niet in de gaten maar mijn nekharen gaan vrijwel direct overeind staan wanneer het tot me doordringt. Deze meneer heeft blijkbaar het lef om geen genoegen te nemen met 10% fooi terwijl hij niets anders heeft hoeven doen dan 2 keer een fles te ontkurken. Zelfs een half uur later op de kamer ben ik nog over de zeik door het gedrag van deze man. Niet tevreden zijn met een fooi is een ding, dit aan tafel komen vertellen is een ander. Het is dat ik mijn bekkie niet goed meer kan roeren…bah! Ik moet het maar snel van me af zetten.

 

Vrijdag 23 mei

 

Een week New York blijkt eigenlijk precies lang genoeg om een goede indruk te krijgen van deze metropool. Nu we nog zo’n anderhalve dag over hebben wordt het eens tijd om de winkels te plunderen. We vermaken ons uitstekend op 7th Avenue, Broadway, Times Square en het Theatre District. Op een terrasje nuttigen we een sobere lunch waarna het winkelen weer prioriteit krijgt. We slaan aardig in: Kleding, CD’s, schoenen. Mede vanwege de lage stand van de dollar is alles spotgoedkoop en aangezien het aanbod gigantisch is, is het prettig shoppen.

 

Ook vandaag besluiten we de middag in Bryant Park onder het genot van een drankje. Mijn  vader maakt echter een inschattingsfoutje: hij nuttigt zijn Corona zonder papier zak eromheen en aangezien drinken in het openbaar in de VS bij wet verboden is, hebben we al snel een bewaker in ons nek. Toegegeven: een beetje dom en duidelijk een foutje van onze kant maar de scène die deze bewaker dan schopt is weer typisch Amerikaans. Dreigen, dreigen en nog eens dreigen en vooral laten blijken wie hier de baas is. Het is een beetje Amerika op zijn smalst. In New York vindt men het geen enkel punt dat er heel veel armoede bestaat (elke prullenbak heeft zijn eigen zwerver en her en der liggen op straat mensen te slapen) maar je moet vooral niet op een zonnige dag een biertje gaan drinken in het park want dat is aanstootgevend. Wat is er nou belangrijk?

 

We gebruiken ons laatste avondmaal op een terras van een restaurant in Bryant Park en ja, ook hier is het weer heerlijk. Bij toeval worden we bediend door Vivian en, het moet niet gekker worden, zij blijkt 2 jaar in Haarlem te hebben gestudeerd en gewoond en vertelt hoezeer ze de poffertjes mist op de grote markt! Detail: ze laat voor mij een uitstekende mojito maken.

Zaterdag 24 mei 2008

 

Het zit erop. Voor het uitchecken hebben Fem en ik onze hoop gevestigd op een sushi-ontbijt maar helaas is de foodcourt alleen open voor “echt” ontbijt. Op 42nd Street weten we echter een eettentje te vinden waar we uitgebreid ontbijten met megagrote sandwiches en “with compliments” (gratis)...chilisoep. Een beetje vreemd…maar wel lekker. Na het uitchecken rest ons niets anders dan de terugreis te aanvaarden. Tot onze verbazing is er voor ons een speciale taxi aangehouden door het hotel, waarin ik met rolstoel en al aan de zijkant naar binnen kan rijden. De auto is niet groter dan de gemiddelde SUV en ik vind het pure luxe. Op de luchthaven blijkt dat we een kleine vertraging hebben maar de vlucht verloopt verder voorspoedig.

 

Het was een fantastische week. New York heeft me op geen enkele wijze teleurgesteld en me precies gebracht wat ik ervan had verwacht! “The city that never sleeps” heeft deze titel dik en dik verdiend